Impact op IJslandse paarden bij een specifieke finale proef - blog 2

Gepubliceerd op 15 januari 2018
Impact op IJslandse paarden bij een specifieke finale proef - blog 2

Cees van Beckhoven (Heart for Horses), Eva Beun (humaan fysiotherapeut en trainer/instructeur voor IJslandse paarden) en Marco de Bruijn (DVM, Spec. KNMvD Eq Int Med, Dipl. ECEIM bij sportpaardenkliniek Wolvega) gaan met zijn drieën een onderzoek uitvoeren over de fysiologische impact op IJslandse paarden bij een specifieke finale proef. 

Cees van Beckhoven (Heart for Horses), Eva Beun (humaan fysiotherapeut en trainer/instructeur voor IJslandse paarden) en Marco de Bruijn (DVM, Spec. KNMvD Eq Int Med, Dipl. ECEIM bij sportpaardenkliniek Wolvega) gaan met zijn drieën een onderzoek uitvoeren over de fysiologische impact op IJslandse paarden bij een specifieke finale proef. Deze proef is in 2014 zonder duidelijke onderbouwing aangepast en de vraag is of deze aanpassing wel zo goed is voor de paarden. Eva Beun geeft middels een viertal blogs meer aandacht aan verschillende onderwerpen rondom training, onderzoek en het IJslandse paard.
 

Weten wat er gevraagd wordt

De paardensport kent verschillende disciplines, elke discipline heeft sport specifieke eigenschappen.
Om je goed voor te bereiden op dat wat er gepresteerd moet worden is het belangrijk om te weten wat er precies van je paard verlangd wordt. Wanneer je weet wat er gevraagd wordt van je paard kan je daar ook specifiek op trainen.

Je training laten aansluiten op het vraagprogramma van je tak van sport kan blessures voorkomen, kan je beter laten presteren en kan jezelf en je paard beter in jullie kracht zetten. Want als je doet waar je goed in bent kun je gaan excelleren. "Maak van een 6 een 8 i.p.v. een 4 een 6 te maken" - Peter Drucker.

Trainen naar de kwaliteiten van je paard

Dat wat we van het lijf van het paard vragen moet aansluiten bij de aanleg en bouw van het paard, zo zal een quarter horse niet zo makkelijk een dressuurproef lopen. Dit komt onder andere door de anatomie van het paard, zijn bouw is anders, maar ook zijn spieren zijn anders én ze worden anders getraind. Een voorbeeld vanuit de humane sport, de trainingen van Usain Bolt (sprinter) zijn anders dan die van Haile Gebrselassie (marathonloper).

Als we wat specifieker op spierniveau gaan kijken zien we dat er 3 verschillende soorten spiervezels zijn:
Type I vezels – de spiervezels die het lang vol kunnen houden, de spiervezels voor duursporten.
Deze vezels worden ook wel rode spiervezels genoemd, omdat de spieren opgebouwd uit deze spieren erg goed doorbloed zijn. Het zijn typische duurspieren die veel uithoudingsvermogen hebben. Ze zijn kenmerkend voor bijvoorbeeld endurance paarden die over een lange tijd hun spierkracht kunnen verdelen.
Type IIA vezels – dit zijn spiervezels die kunnen ‘veranderen’, zij zijn eigenlijk neutraal en afhankelijk van de training kunnen zij zich aanpassen naar type I of type IIX vezels.
Type IIX vezels – dit zijn de spiervezels voor kort, krachtige en explosieve activiteiten, de spiervezels voor bodybuilders. Deze spieren kunnen met weinig zuurstof toe en kunnen heel snel een hoge spierkracht ontwikkelen, ze worden dan ook wel witte spiervezels genoemd.

De Quarter horse is een voorbeeld van een ras wat een hoog aandeel van deze spiervezels heeft. Ze kunnen snel sprinten, maar kunnen hun snelheid slechts kort volhouden. De mate van aanwezigheid van de verschillende vezels is grotendeels genetische bepaald. Door training is het mogelijk om van krachtspieren duurspieren te maken; andersom is dit duidelijk moeilijker. Op de verdeling van de soort spiervezels die je paard heeft kun je dus in beperkte mate invloed uitoefenen. Het beste kun je dus presteren wanneer je je paard traint in daar waar hij ‘voor gemaakt’ is.

 

De conditie van je paard

Een andere mate die beïnvloedbaar is door training is conditie. Om een optimaal beeld te krijgen van de conditie van je paard moet je een gestandaardiseerde inspanningstest doen, waarbij zowel de hartslag als de lactaatwaarde van je paard worden gemeten. Door middel van zo’n test krijg je inzicht in hoe het conditioneel er voor staat met je paard. Wanneer je dan regelmatig blijft trainen met een hartslagband én daarbij één à twee keer per jaar zo’n inspanningstest doet, krijg je een duidelijk beeld van de conditie van je paard.

Wanneer je dan ook nog tijdens sportactiviteiten regelmatig je paard de hartslagband kunt laten dragen weet je steeds meer welke mate van inspanning hetgeen we van ons paard vragen kost. Meten is weten en zonder te meten weten we niet wat we trainen. Deze manier van trainen zien we de laatste tijd steeds meer. Wel is het zo dat wanneer je zulke uitkomsten wilt kunnen interpreteren er wel enige kennis moet zijn van wat ‘normen’ zijn bij paarden. Tevens is het zo dat enkel een dierenarts het prikken van lactaat mag uitvoeren.

Monitoren van je paard

Het goed monitoren van je paard, zeker in de sport, kan zorgen dat je steeds meer ‘data’ over je paard kunt gaan verzamelen. Hiermee kun je vroegtijdige veranderingen in de waardes gaan waarnemen. Wanneer dan bijvoorbeeld je paard bij aanvang van een training al begint met een duidelijk hogere hartslag dan gebruikelijk kan het zijn dat er sprake is van pijn, stress of andere omstandigheden die maken dat het misschien beter is om je paard nog even goed te checken en bijvoorbeeld je training aan te passen of volledig te laten vervallen.

Dat er soms aanpassingen gedaan worden in vraagprogramma’s binnen de hippische sport is te begrijpen, maar of deze aanpassingen altijd ‘beter’ zijn voor de paarden is alleen te beoordelen na het uitvoeren van testen en het vergelijken van waardes. Dit heeft erin geresulteerd dat er bij verschillende stamboeken onderzoeken zijn gedaan. Cees van Beckhoven en Marco de Bruijn werken regelmatig samen bij dit soort conditie metingen en staan beide open voor vragen naar aanleiding van deze blog.

Ervaringen

Susanne Noortman

Beste EFO,
Mag ik jullie (en in het bijzonder Ron Esteje) onwijs bedanken voor de snelle en fijne manier van het verwerken van mijn declaratie! 

Lees meer

Dian Philipsen

Ik kan EFO paardenverzekeringen zeer zeker aanbevelen, ze denken mee met zowel de ruiter/amazone als met het paard.

Lees meer

Tanja Staal

Ik ben erg positief en zal EFO zeker aanbevelen bij mijn paardenkennissen. Jullie zijn op een laagdrempelige manier te benaderen, chapeau...:)!

Lees meer

Elly Noomen

Voor iedereen met paarden kan ik maar 1 ding zeggen: als de basis goed is kom je verder!! En dat geldt zeker voor deze verzekeringsmaatschappij!!

Lees meer

Judith Philipse en Amber Kreuzen

"Ik zou EFO aan iedereen aanraden!!”

Lees meer

Ineke Drossaart

EFO, van mij een hele bos pluimen op uw hoed en veel dank. Topverzekering!

Lees meer

+
Susanne Noortman
+
Dian Philipsen
+
Tanja Staal
+
Elly Noomen
+
 Judith Philipse en Amber Kreuzen
+
Ineke Drossaart

Blijf elke maand op de hoogte van onze nieuwtjes