29 september 2016

Overgang weide naar stal

Met de mooie nazomer van dit jaar vergeten we bijna dat de herfst binnenkort toch echt zal beginnen. Voor veel paarden zal dit betekenen dat weidegang niet of nauwelijks mogelijk is. Paarden zullen meer op stal worden gehouden, met als gevolg minder beweging (verhoogde kans op koliek), kans op verveling en het bijvoeren van ruwvoer. Net zoals in het voorjaar vindt er dus een rantsoenwisseling plaats en dit brengt wat aandachtspunten met zich mee.

Geleidelijke overgang
De bacterieflora in de blinde en dikke darm is een complex ecosysteem, dat leeft van de voeding die niet in de dunne darm is verteerd. Verandert de samenstelling van deze voeding, dan verandert het ecosysteem mee. Bij plotselinge grote veranderingen kunnen sommige populaties afsterven en andere explosief groeien. Dit kan leiden tot verzuring en de productie van toxinen, waardoor koliek, hoefbevangenheid en diarree kunnen ontstaan. Begin daarom 3-4 weken voordat je paard naar stal gaat met het bijvoeren van hooi of kuilgras, zodat je paard kan wennen aan het andere ruwvoer. Wanneer je paard ook meer krachtvoer nodig heeft, dien je dit ook langzaam op te bouwen om problemen te voorkomen.

Herfstbladeren
Wanneer er bomen in de buurt van de paddock staan, bestaat de kans dat er in de herfst veel bladeren in de paddock vallen. Wanneer een paard in de paddock niet wordt bijgevoerd met ruwvoer, zullen veel paarden aan de bladeren gaan knabbelen of helemaal opeten. Vergeet niet dat de bladeren, maar ook de takken, noten of vruchten van bomen giftig kunnen zijn. De eikenboom is bijvoorbeeld mild giftig, vooral de bladeren en eikels. Ook zaden en bladeren van de esdoorn zijn zeer gevaarlijk (mogelijk verband met atypische myopathie). Van de beuk zijn vooral de nootjes giftig. Verder zijn de walnoot, wilde kastanje, beuk, kersen- en pruimenbomen giftig voor paarden. Lees meer over giftige planten.

Laat je paard in de herfst dus tijdig wennen aan het ruwvoer dat gevoerd gaat worden op stal. Wees ook voorzichtig met het bijvoeren van krachtvoer. Elke rantsoenwisseling dient geleidelijk te verlopen. Voorkom verveling op stal en zorg voor voldoende beweging om de spijsvertering te stimuleren. Tot slot is het belangrijk om de paddock vrij te houden van mogelijk giftige bladeren, takken, noten en vruchten.